Mooie auto, nieuw?


Als trotse eigenaar zegt u waarschijnlijk graag volmondig ‘ja’ in antwoord op deze vraag. Zou u dit antwoord ook nog zo graag geven als ik u vertel dat het u een paar duizend euro kan kosten?

Wat kost dat dan?

Tja, dat hangt natuurlijk van de auto af: hoe milieu-onvriendelijker, hoe meer zullen we maar zeggen. De crux zit ‘m in de BPM, de registratiebelasting die u betaalt wanneer u een auto op Nederlands kenteken zet. In de praktijk merkt u hier overigens meestal weinig van omdat de importeur dit meestal doet. De BPM die u moet betalen is afhankelijk van de CO2-uitstoot van de auto én de staat van de auto. Wanneer een auto nieuw is, kijkt men alleen naar de CO2-uitstoot en rekent men de BPM uit. Op zich is dat redelijk simpel. Maar, is een auto gebruikt, dan kan men uitgaan van een lager BPM-bedrag. Op de BPM schrijft men namelijk af, net als op de auto zelf. Het zal u niet verbazen dat veel eigenaren stellen dat de auto gebruikt is, en dat veel belastinginspecteurs daarbij hun twijfels hebben.

Onderscheid nieuw/gebruikt

Het probleem in de praktijk is, dat niet altijd even helder is wanneer een auto nieuw of gebruikt is. Er is in de rechtspraak dan ook altijd het nodige te doen over dit onderwerp. De Hoge Raad heeft al eens bepaald (onder meer in een arrest van 14 september 2012, (ecli:nl:hr:2012:bx7199)) dat onder een nieuwe personenauto moet worden verstaan een auto die na de vervaardiging ervan niet of nauwelijks in gebruik is geweest. In de praktijk kijkt men dan bijvoorbeeld naar gebruikssporen en naar de kilometerstand van de auto. Onlangs speelde zo’n zaak voor het Hof  Amsterdam.

De casus

In deze zaak importeert iemand een Volkswagen Caddy 1.6 TDI Comfortline met een kilometerstand van 841. Omdat hij er van uitgaat dat de auto gebruikt is, doet hij aangifte van een BPM bedrag van € 6.775. De inspecteur denkt hier heel anders over. Hij is van mening dat de auto nieuw is. Het gevolg: de BPM wordt vastgesteld op € 11.101 en de nieuwe eigenaar krijgt een naheffingsaanslag voor het verschil. Onderling komt men er niet uit en de zaak wordt uiteindelijk aan de rechter voorgelegd. Deze zal in dit soort zaken altijd twee zaken beoordelen:

  1. Heeft de auto gebruikssporen (krassen, deuken enzovoorts)?; en
  2. Wat is de kilometerstand?

De eerste vraag is in deze zaak simpel te beantwoorden: nee. Dit wil niet zeggen dat de auto echt geen gebruikssporen heeft, maar de inspecteur heeft dit gesteld, en de eigenaar is hier niet tegenin gegaan. Op basis van de gebruikssporen is de auto dus niet gebruikt. Maar, hoe zit het met de kilometerstand? Zoals aangegeven is deze 841. Het hof stelt in deze zaak dat de gemiddelde autokoper een auto in het algemeen pas als gebruikt ziet, als er minimaal 1.000 kilometers op de teller staan. In de omzetbelasting gaan ze bijvoorbeeld uit van 6.000 kilometers. Enfin, in deze zaak is het oordeel helder: de auto is nieuw, en de naheffingsaanslag blijft dus in stand.

Bz-advies

Importeert uw cliënt een tweedehands auto uit het buitenland? Dan is het verstandig om door een expert een keurings- of taxatierapport op te laten stellen. Op die manier kunt u een naheffingsaanslag BPM mogelijk voorkomen.

Conclusie en tips

Wilt u een auto als gebruikte auto aangeven? Zorg dan dat u een dossier opbouwt waaruit de kilometerstand en de eventuele gebruikssporen blijken. Het maken van foto’s of het laten opstellen van een keurings- of taxatierapport is daarbij aan te raden. Weet dat de Belastingdienst en het ministerie vaak – en soms ook zeer terecht – wantrouwend tegen dit soort zaken aankijken. Wat dat betreft is het handig dat deze rechter de praktijk een richtsnoer geeft voor het minimale aantal kilometers. Wilt u meer informatie over de standpunten en zienswijze van het ministerie? Kijk dan ook eens in het rapport over de aanpak van knelpunten bij import van gebruikte voertuigen van 31 januari 2019 (tk 2018-2019, 32800, nr. 49)

  • Omdat het gebruik van taxatierapporten vanwege schade de laatste jaren is toegenomen, wil Financiën het toezicht op het importproces stroomlijnen door dit zo te regelen dat de importeur bij de keuring zijn waarderingsmethode voor de BPM-aangifte moet overleggen. Naar verwachting gaat een onjuiste waardebepaling dan minder lonen.

Auteur: Mr. H.A. Elbert

Geschreven voor: Sdu Belastingzaken, uitgave mei 2019

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *