Een gezagvoerder met gezag is geen ondernemer

gezagvoerderDeze zaak speelt zich af voor de ingangsdatum van de Wet DBA, maar is uiteraard ook van belang onder de huidige wetgeving. Mocht u zich afvragen of uw cliënt ‘schijnzelfstandig’ is of niet, dan raad ik u aan om deze uitspraak eens door te lezen: u krijgt van de rechter een gratis les in de vereisten van het fiscale ondernemerschap.

In deze zaak draait het om de vraag of een gezagvoerder op een Boeing 737 zelfstandig ondernemer is, of toch in dienstbetrekking. De gezagvoerder sluit een contract met een bemiddelaar. Via deze bemiddelaar werkt hij bij een buitenlandse vliegtuigmaatschappij.

Winst uit onderneming?

Zodra ik het woord ‘buitenland’ lees ben ik altijd benieuwd of Nederland wel belasting mag heffen, maar in dit geval is men het er over eens dat Nederland inderdaad belasting mag heffen over de inkomsten van de gezagvoerder. Nu is alleen nog de vraag of deze inkomsten aangemerkt kunnen worden als winst uit onderneming of niet. De gezagvoerder vindt van wel, maar de inspecteur is het daar niet mee eens. Omdat de gezagvoerder in 2011 slechts voor één luchtvaartmaatschappij werkt, blijkbaar geen moeite heeft gedaan om voor andere maatschappijen te vliegen, geen reclame maakt en niet staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, heeft hij de schijn tegen. Daarnaast besteedt de rechter veel aandacht aan het contract met de bemiddelaar en trekt de conclusie dat de gezagvoerder onder gezag van de vliegtuigmaatschappij valt. Dat de gezagvoerder gebonden is aan de vertrek- en landingsplaats die de vliegtuigmaatschappij aangeeft, en zich aan de vertrektijden moet houden pleit tegen hem.

Vraagtekens

Zelf zet ik daar wat vraagtekens bij. Zelfs als zelfstandig ondernemer kun je het m.i. niet maken om je niet aan dit soort praktische afspraken te houden. Je zult maar een vlucht naar Tokio hebben geboekt en in Warschau uitkomen! Dat een gezagvoerder zich aan uitgebreide veiligheidsinstructies moet houden, lijkt mij ook niet meer dan logisch. Dat zal een zelfstandig ondernemer ook moeten doen. Dat hij zich op papier wel, maar feitelijk niet kan laten vervangen, vind ik meer tegen hem pleiten. Samen met het feit dat hij in dat jaar niet naar buiten treedt als ondernemer en slechts een opdrachtgever heeft, kan ik mij voorstellen dat de rechter in zijn nadeel beslist. In dit geval is het oordeel dan ook dat er sprake is van een dienstbetrekking.

Tip: kijk kritisch naar de overeenkomsten die uw cliënt afsluit en de reclame die uw cliënt voor zichzelf maakt. Dit kan grote invloed hebben op de kwalificatie van de werkzaamheden.

ECLI:NL:RBGEL:2017:224

Heleen Elbert

voor: accountancyvanmorgen.nl

Lees verder

A-G trapt op de rem: oude erfenissen voorlopig veilig gesteld

erfbelastingHeeft uw cliënt buitenlands vermogen geërfd, en blijkt dit niet aangegeven te zijn voor de erfbelasting (in het verleden: successierecht)? Dan kan de Belastingdienst een navorderingsaanslag voor de erfbelasting opleggen. Het is verstandig in dat soort gevallen goed na te kijken wanneer de erflater overleden is.

Is de erflater na 1 januari 2012 overleden? Dan kan de fiscus vrijwel onbeperkt zijn gang gaan. Is dit voor 2012? Let dan even goed op. Per 1 januari 2012 is de wet namelijk aangepast. Voor die tijd had de fiscus slechts 12 jaar na overlijden de mogelijkheid om de aanslag erfbelasting te verhogen.

Grofweg ziet de regeling er als volgt uit:

  • Regeling tot en met 2011: de inspecteur kan bij buitenlands vermogen 12 jaar erfbelasting navorderen
  • Regeling 2012 en later: de inspecteur kan bij buitenlands vermogen onbeperkt navorderen

Casus

In deze casus erft iemand in 1998 een Zwitserse bankrekening. Het betreft blijkbaar een geheime rekening, want de overledene heeft deze rekening nooit vermeld in zijn belastingaangifte. De erfgenamen vermelden deze Zwitserse bankrekening ook niet in de aangifte voor de erfbelasting (successierecht) De Belastingdienst komt hier in 2014 achter, meer dan 12 jaar na dato. Bovendien was in  deze zaak de 12-jaarstermijn al verstreken voordat de wet per 1 januari 2012 werd aangepast.

Hoe moet deze wetswijziging in zo’n geval worden uitgelegd? De inspecteur is van mening dat hij ook onbeperkt belasting mag navorderen over oude erfenissen. Onbeperkt is immers onbeperkt? Het zal u niet verrassen dat de erfgenaam daar anders over dacht.

De erfgenaam gaat dan ook niet akkoord met de navorderingsaanslag en stapt naar de rechter. Hij wordt door zowel het Hof als de Advocaat-Generaal in het gelijk gesteld. Zij zijn het met hem eens dat de onbeperkte navorderingstermijn in erfeniskwesties niet geldt voor erfenissen waarvoor de 12-jaarstermijn al voor 2012 is verstreken. De Hoge Raad moet de knoop nog doorhakken, maar het ziet er naar uit dat de erfgenaam uiteindelijk geen erfbelasting zal hoeven te betalen over het saldo van de Zwitserse bankrekening.

ECLI:NL:PHR:2016:1350

Auteur: Heleen Elbert

Gepubliceerd op
DOOR
Lees verder

Proefprocedure lagere cataloguswaarde gestrand bij de Hoge Raad

Afgelopen vrijdag 4 november heeft de Hoge Raad een punt gezet achter de proefprocedure die fiscalist Eric Hoepelman had aangespannen tegen de Belastingdienst. Hoepelman liet in de Telegraaf van 22 oktober weten dat de Belastingdienst de bijtelling baseert op een te hoge cataloguswaarde. De rechtbank heeft hem ongelijk gegeven. Via sprongcassatie mocht de Hoge Raad op 4 november zijn mening geven. De Hoge Raad wijst het pleidooi van Hoepelman en de door hem in het leven geroepen stichting Bijtellingretour.nl af onder verwijzing naar artikel 81 RO. Dit betekent dat de Hoge Raad deze zaak niet inhoudelijk gaat behandelen.

Neem voor meer informatie over dit onderwerp contact met ons op.

Auteur: mr. H.A, Elbert

Bron: HR 4 november 2016

Lees verder