A-G trapt op de rem: oude erfenissen voorlopig veilig gesteld

erfbelastingHeeft uw cliënt buitenlands vermogen geërfd, en blijkt dit niet aangegeven te zijn voor de erfbelasting (in het verleden: successierecht)? Dan kan de Belastingdienst een navorderingsaanslag voor de erfbelasting opleggen. Het is verstandig in dat soort gevallen goed na te kijken wanneer de erflater overleden is.

Is de erflater na 1 januari 2012 overleden? Dan kan de fiscus vrijwel onbeperkt zijn gang gaan. Is dit voor 2012? Let dan even goed op. Per 1 januari 2012 is de wet namelijk aangepast. Voor die tijd had de fiscus slechts 12 jaar na overlijden de mogelijkheid om de aanslag erfbelasting te verhogen.

Grofweg ziet de regeling er als volgt uit:

  • Regeling tot en met 2011: de inspecteur kan bij buitenlands vermogen 12 jaar erfbelasting navorderen
  • Regeling 2012 en later: de inspecteur kan bij buitenlands vermogen onbeperkt navorderen

Casus

In deze casus erft iemand in 1998 een Zwitserse bankrekening. Het betreft blijkbaar een geheime rekening, want de overledene heeft deze rekening nooit vermeld in zijn belastingaangifte. De erfgenamen vermelden deze Zwitserse bankrekening ook niet in de aangifte voor de erfbelasting (successierecht) De Belastingdienst komt hier in 2014 achter, meer dan 12 jaar na dato. Bovendien was in  deze zaak de 12-jaarstermijn al verstreken voordat de wet per 1 januari 2012 werd aangepast.

Hoe moet deze wetswijziging in zo’n geval worden uitgelegd? De inspecteur is van mening dat hij ook onbeperkt belasting mag navorderen over oude erfenissen. Onbeperkt is immers onbeperkt? Het zal u niet verrassen dat de erfgenaam daar anders over dacht.

De erfgenaam gaat dan ook niet akkoord met de navorderingsaanslag en stapt naar de rechter. Hij wordt door zowel het Hof als de Advocaat-Generaal in het gelijk gesteld. Zij zijn het met hem eens dat de onbeperkte navorderingstermijn in erfeniskwesties niet geldt voor erfenissen waarvoor de 12-jaarstermijn al voor 2012 is verstreken. De Hoge Raad moet de knoop nog doorhakken, maar het ziet er naar uit dat de erfgenaam uiteindelijk geen erfbelasting zal hoeven te betalen over het saldo van de Zwitserse bankrekening.

ECLI:NL:PHR:2016:1350

Auteur: Heleen Elbert

Gepubliceerd op
DOOR
Lees verder

Fiscale eenheid kan ook over de grens

Zoals u wellicht weet, kunnen twee of meer bv’s samen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting vormen. Zo’n fiscale eenheid (die overigens ook in iets andere vorm voor de omzetbelasting bestaat) brengt diverse voordelen met zich mee. U kunt bijvoorbeeld volstaan met één aangifte vennootschapsbelasting, en onderlinge transacties worden meestal niet belast. Tussen de bv’s moet een aandelenrelatie bestaan, en zo zijn er nog een aantal eisen. Meestal bestaat een fiscale eenheid uit een moeder- en een of meerdere (klein-)dochtermaatschappijen. Vereist is dat de bv’s die het betreft in Nederland zijn gevestigd.
Sinds het zogenoemde Papillion-arrest, is het ook mogelijk om een fiscale eenheid aan te gaan tussen bv’s met een buitenlandse ‘tussenschakel’, bijvoorbeeld tussen een Nederlandse moedermaatschappij en een Nederlandse kleindochtermaatschappij, waarbij de tussenliggende dochtermaatschappij in een EU-land is gevestigd (de buitenlandse moedermaatschappij valt buiten de fiscale eenheid). Een andere nieuwe mogelijkheid is een fiscale eenheid tussen twee Nederlandse dochtermaatschappijen met een gezamenlijke buitenlandse moedermaatschappij (de buitenlandse moedermaatschappij valt buiten de fiscale eenheid). Hoewel deze mogelijkheden nog niet in de wet staan, worden ze wel toegestaan door een besluit van de staatssecretaris, in de praktijk aangeduid als het Vlinderbesluit.

 

Het gerechtshof in Arnhem heeft op 26 april jl. in hoger beroep goedgekeurd dat zo’n fiscale eenheid zelfs mogelijk is wanneer de ‘tussenschakel’ niet in, maar buiten de EU is gevestigd. Het ging daarbij om een fiscale eenheid tussen de twee Nederlandse dochtermaatschappijen van een Israëlische moedermaatschappij.

Meer weten? Neem vrijblijvend contact met ons op.
Auteur: mr. H.A. Elbert
Bron:
Wetsvoorstel, Nota naar aanleiding van het verslag etc. TK 2015-2016, i
Lees verder

Hoge Raad: verleend uitstel verlengt ook de 12-jaarstermijn

Op 14 augustus jl. heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de 12-jaars navorderingstermijn verlengd mag worden met het verleende uitstel.
De Belastingdienst kan alleen in uitzonderingsgevallen op uw definitieve aanslag terugkomen. Bijvoorbeeld wanneer u onjuiste gegevens hebt vermeld in uw aangifte of wanneer u had kunnen weten dat de aanslag niet juist was. De termijn waarbinnen de Belastingdienst niet betaalde belasting kan navorderen of naheffen is echter aan grenzen gebonden. Dit is onder meer geregeld in artikel 16 AWR.
Lees verder